VR 20 003 Fractie CDA Vragen over politiesterkte en buurtpreventieteams in Rijswijk

Graag stellen wij als leden van de CDA-fractie  de volgende vragen aan het College van Burgemeester & Wethouders van de gemeente Rijswijk:

  1. Wat is uw mening over de brief die burgemeester Remkes in overleg met zijn collega’s in de regio aan de minister heeft gestuurd over het tekort van 400 politiemensen in Den Haag en omstreken door onttrekking van politiecapaciteit ten behoeve van speciale landelijke diensten, zoals voor terreurbestrijding?
     
  2. Hebt u kennisgenomen van signalen dat leden van buurtpreventieteams in Rijswijk gedemotiveerd raken door het gebrek aan support dat zij ervaren in de wijk, omdat te weinig wordt gedaan met hun meldingen door zowel de gemeente als door de politie? (AD 28 december 2019)
     
  3. Is het college met het CDA van mening dat de inzet van buurtpreventieteams alleen maar belangrijker wordt in deze tijden van krappe politiecapaciteit?
     
  4. Kunt u als college aangeven wat er bij het gemeentelijk meldpunt wordt ondernomen om op de kortst mogelijke termijn sneller aan de slag te gaan met meldingen van buurtpreventieteams over bijvoorbeeld illegale stort, of falende straatverlichting?
     
  5. Kunt u ons informeren welk beleid bij de politie in deze tijd van onderbezetting wordt gevoerd om de buurtpreventieteams zo efficiënt mogelijk te benutten?
     
  6. In Rijswijk bestaan ook leden van de vrijwillige politie. Dit werk vergt voor de vrijwilligers een lange vooropleiding. Hoe groot is de belangstelling en feitelijke instroom op dit moment?
     
  7. In hoeverre en in welk opzicht is uw beleid er op gericht om deze instroom verder te bevorderen?
     
  8. Op initiatief van de CDA Tweede Kamer fractie wordt met medewerking van de minister van Justitie in Utrecht een proef gehouden om gemeentelijke opsporingsambtenaren (Boa’s) complete bevoegdheid te verlenen bij opsporing en handhaving  van alle regels van de verkeerswetgeving, zodat hun werkveld meer overlapt met dat van de politie. Is het college bereid om dit - in overleg met Justitie - ook in Rijswijk te gaan proberen? En zo nee, waarom niet?

Menno van Enk            Annemie Koegler                      José Schröter  

 

Antwoord

Het college beantwoordt de vragen als volgt:

  1. Wat is uw mening over de brief die burgemeester Remkes in overleg met zijn collega’s in de regio aan de minister heeft gestuurd over het tekort van 400 politiemensen in Den Haag en omstreken door onttrekking van politiecapaciteit ten behoeve van speciale landelijke diensten, zoals voor terreurbestrijding?
    Het college schaart zich achter het initiatief van de regioburgemeester en onderschrijft de ernst en urgentie van het probleem van de politiecapaciteit in de eenheid Den Haag.
     
  2. Hebt u kennisgenomen van signalen dat leden van buurtpreventieteams in Rijswijk gedemotiveerd raken door het gebrek aan support dat zij ervaren in de wijk, omdat te weinig wordt gedaan met hun meldingen door zowel de gemeente als door de politie? (AD 28 december 2019)
    Het artikel is bekend. Deze berichtgeving ging over één team en is niet representatief. De suggestie dat ook andere teams zouden willen stoppen is onjuist, evenals de aanname dat alle andere teams dezelfde mening zijn toegedaanAlle meldingen worden zowel bij  de gemeentelijke Handhaving en de Politie serieus genomen en zo snel mogelijk behandeld.
    Indien de buurtpreventen melding maken van een heterdaad situatie reageert de politie onmiddellijk en ook niet-heterdaad meldingen worden door de politie meegenomen in het dagelijkse werkaanbod.
     
  3. Is het college met het CDA van mening dat de inzet van buurtpreventieteams alleen maar belangrijker wordt in deze tijden van krappe politiecapaciteit?
    De vrijwilligers die zich inzetten voor Buurtpreventie dienen niet als vervanging van politie capaciteit. De inzet van buurtpreventieteams is wel uitermate zinvol en betekent een goede aanvulling. Verder is iedere inwoner die misstanden signaleert en doorgeeft van belang.
     
  4. Kunt u als college aangeven wat er bij het gemeentelijk meldpunt wordt ondernomen om op de kortst mogelijke termijn sneller aan de slag te gaan met meldingen van buurtpreventieteams over bijvoorbeeld illegale stort, of falende straatverlichting?
    Afhankelijk van de aard en omvang van de melding wordt deze binnen de daarvoor gestelde termijnen opgepakt en afgehandeld. Een aantal kinderziektes in de gebruikte programmatuur, waaronder terugkoppelingen van afhandelingen, zijn reeds opgelost. Hierbij is tevens gekeken naar verdere mogelijkheden voor versnelling en verkorting van behandeltermijnen.
     
  5. Kunt u ons informeren welk beleid bij de politie in deze tijd van onderbezetting wordt gevoerd om de buurtpreventieteams zo efficiënt mogelijk te benutten?
    De inzet van de buurtpreventie staat los van de onderbezetting van de politie. Buurtpreventieteams kunnen de gelegenheid tot criminaliteit beperken, bewoners alerter en attenter maken op onveilige situaties, en helpen beter zicht te krijgen op criminaliteit en overlast. Dit is altijd een belangrijke toegevoegde waarde, ook in een tijd van krappe politiecapaciteit. Buurtpreventieteams hebben een signalerende en voorlichtende rol, zij hebben uiteraard niet de bevoegdheden die de politie wel heeft. Buurtpreventieteams zijn aanvullend op het politiewerk en kunnen geen taken ‘overnemen’. De contacten tussen buurtpreventieteams en de politie, ook in de vorm van de wijkagent als aanspreekpunt, staan niet onder druk
     
  6. In Rijswijk bestaan ook leden van de vrijwillige politie. Dit werk vergt voor de vrijwilligers een lange vooropleiding. Hoe groot is de belangstelling en feitelijke instroom op dit moment?
    In de gemeente Rijswijk zijn 2 soorten politievrijwilligers actief: de politievrijwilliger in de uitvoering (executief) en de politievrijwilliger in de ondersteuning. Gezien de vraagstelling wordt waarschijnlijk gedoeld op de politievrijwilligers in de uitvoering. Deze groep is wapen/vuurwapendragend, is werkzaam in uniform en heeft een algemene opsporingsbevoegdheid. Deze politievrijwilligers vallen formatief onder het team Vrijwilligers van de eenheid Den Haag en zijn niet uitsluitend (exclusief) werkzaam voor team Rijswijk. Zij kunnen ook voor andere taken / teams ingezet worden. Er zijn momenteel 3 vrijwilligers met een directe koppeling naar Rijswijk. Voor de groep executieve politievrijwilligers is een opleiding van 6 jaar nodig via de politieacademie. Er is wel belangstelling voor de functie maar omdat landelijk nagedacht wordt over een verkorting van de opleiding en de (beperkte) capaciteit van de politieacademie met voorrang wordt ingezet voor de opleiding van beroepskrachten is er momenteel geen instroom in de opleiding. 
     
  7. In hoeverre en in welk opzicht is uw beleid er op gericht om deze instroom verder te bevorderen?
    Er zijn ook politievrijwilligers in de ondersteuning (ATH). Dit zijn politievrijwilligers die afhankelijk van hun functie in uniform of in burger werkzaam zijn. Zij hebben geen algemene opsporingsbevoegdheid en worden intern opgeleid. Hiervoor wordt op eenheidsniveau geworven. In Rijswijk zijn een paar vrijwilligers werkzaam als gastvrouw achter de centrale balie om publiek te woord te staan.
     
  8. Op initiatief van de CDA Tweede Kamer fractie wordt met medewerking van de minister van Justitie in Utrecht een proef gehouden om gemeentelijke opsporingsambtenaren (Boa’s) complete bevoegdheid te verlenen bij opsporing en handhaving  van alle regels van de verkeerswetgeving, zodat hun werkveld meer overlapt met dat van de politie. Is het college bereid om dit - in overleg met Justitie - ook in Rijswijk te gaan proberen? En zo nee, waarom niet?
    Ja, het college is hiertoe bereid. Het basisuitgangspunt is dat de politie aanspreekbaar is op handhaving van de verkeersnormen, ook als het gaat om kleine overtredingen. Waar kleine verkeersdelicten de leefbaarheid aantasten ligt er eveneens een taak voor de gemeentelijke opsporingsambtenaren.

Burgemeester en wethouders,
de secretaris,                                                                             de burgemeester,

drs. M. Middendorp MPC                                                          drs. M.J. Bezuijen

Politieke partij

CDA