17 03 Vervolgvragen experimenteren met vernieuwende vormen van democratie

Geacht College,

Op 9 december 2016 heeft de fractie van D66 Rijswijk het College gevraagd (RV 16 65 ) of de gemeente Rijswijk haar nek wil uitsteken en ‘alles op alles’ zal zetten om één van de voorhoedegemeenten te worden die vanaf 2018 ruimte krijgen te experimenteren met nieuwe vormen van democratie.
Inmiddels is er een antwoord op deze vraag:

“Het experimenteren met vernieuwende vormen van democratie en participatie spreekt ons zeker aan. Wij zien hier wel een belangrijke verantwoordelijkheid voor de gemeenteraad. Graag willen wij met de raad gaan bekijken of en hoe wij voorhoedegemeente kunnen worden. Hier kan de werkgroep 'Raad in positie' een belangrijke rol vervullen.”

Dit is niet het antwoord waarop wij hoopten. Allereerst blijkt uit “spreekt ons zeker aan” weinig enthousiasme, terwijl de noodzaak voor democratische vernieuwing groot is en inmiddels ook breed wordt erkend en gedragen. Maar wat onze fractie met name verbaast is dat het initiatief wordt teruggelegd bij de gemeenteraad en, in het bijzonder, bij de werkgroep ‘Raad in positie’. De voorzichtige conclusie die wij hieruit trekken is dat het Rijswijkse gemeentebestuur blijkbaar weinig urgentie voelt als het gaat om democratische en bestuurlijke vernieuwing. Maar omdat de fractie van D66 de beroerdste niet is, geven we het College graag een tweede kans. We stellen daarom de vraag nog maar eens:

Gaat de gemeente Rijswijk haar nek uitsteken en ‘alles op alles’ zetten om één van de voorhoede-gemeenten te worden die vanaf 2018 ruimte krijgen te experimenteren met nieuwe vormen van democratie?

Wij hopen vanzelfsprekend dat het Rijswijkse gemeentebestuur zichzelf dit keer een grotere rol toekent dan in eerste beantwoording het geval was.


Met vriendelijke groet, namens D66 Rijswijk

Mark Storm

Antwoord

Het college beantwoordt de vragen als volgt:

Voor het college is democratische vernieuwing, en meer traditioneel ‘burgerparticipatie’, een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Dit vraagt betrokkenheid van het bestuur en de volksvertegenwoordiging, maar uiteraard ook van onze inwoners zelf.

In ons eerdere antwoord hebben wij reeds aangegeven een centrale rol te zien voor de werkgroep ‘Raad in positie’. Het zou goed zijn als de werkgroep, samen met het college, het voortouw neemt om, eventueel binnen het ‘code-oranje’ traject, te onderzoeken hoe de gemeente voorhoedegemeente kan worden. Daarnaast zou het goed zijn de mogelijkheden te verkennen voor enkele laagdrempelige experimenten in het kader van democratische vernieuwing. Dit willen wij, samen met de werkgroep, voor de zomer aan de gemeenteraad voorleggen. De uitkomsten hieruit kunnen tevens een plek krijgen in een bredere visie voor participatie, waarvoor we aanleiding zien om deze, samen met de stad, op te gaan stellen.

Democratische vernieuwing vraagt veel van ons allen, niet alleen van het bestuur ook van de raad en individuele raadsleden. Het vergt een cultuurverandering in ons denken over onze eigen rol(len) en die van burgers, en in ons 'doen', onze manier van werken. De ervaring leert dat experimenten niet altijd volledig slagen. Het experiment met het BOB-model, waarvan binnenkort de evaluatie besproken zal gaan worden, heeft uitgewezen dat draagvlak voor democratische vernieuwing bij college, raad en inwoners onontbeerlijk is. Wij hopen dan ook samen met de gemeenteraad dit traject van democratische vernieuwing op te pakken.

 

Het college van burgemeester en wethouders,

de waarnemend secretaris,                                         de burgemeester,
W. van der Giessen                                                    drs. M.J. Bezuijen 

Politieke partij

D66