Hoe verloopt een bestemmingsplanprocedure?
Wanneer de gemeente een nieuw bestemmingsplan opstelt, wordt daarbij een vaste procedure doorlopen die grotendeels wordt voorgeschreven door de Wet ruimtelijke ordening.
- Er wordt gestart met een voorontwerpbestemmingsplan. Hierover wordt, als daarvoor aanleiding is, een inspraakronde gehouden. Over het voorontwerpbestemmingsplan voert de gemeente ook overleg met partijen als de provincie, het hoogheemraadschap, buurgemeentes, de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en dergelijke.
- Daarna wordt een ontwerpbestemmingsplan opgesteld. Hiermee start de formele, wettelijke procedure. Het ontwerpbestemmingsplan ligt voor zes weken ter inzage, waarbij een ieder een zienswijze kan indienen.
- Na de terinzagetermijn stelt de gemeenteraad het bestemmingsplan vast, met of zonder wijzigingen. Belanghebbenden die een zienswijze hebben ingediend, kunnen daarna beroep instellen bij de Raad van State.
- Het bestemmingsplan treedt in werking de dag na afloop van de beroepstermijn (als tenminste geen verzoek om voorlopige voorziening is ingediend).
De totale duur van een bestemmingsplanprocedure is - vanaf de ontwerpfase - minimaal 31 weken, maar de tijd die de voorontwerpfase kost moet hier nog bij worden opgeteld. Deze fase duurt vaak het langst als gevolg van onderzoeken en inventarisatie, maar soms ook als gevolg van inspraak- en overlegreacties. Daarnaast kunnen de 31 weken vanaf de ontwerpfase soms ook fors meer worden als gevolg van zienswijzen.
De bekendmaking van de diverse fases in een bestemmingsplanprocedure vindt plaats in huis-aan-huisblad Groot Rijswijk, op de gemeentelijke website (onder 'bekendmakingen') en vanaf de ontwerpfase ook in de Nederlandse Staatscourant.
Voor uitwerkingsplannen, wijzigingsplannen en beheersverordeningen gelden aparte procedures.





